Download verslag Masterplan Natuur- en Geopark Vulkaneifel

Het Natuurpark Vulkaneifel – een toekomstige kans voor onze regio

Werner Klöckner

Op 7 mei 2010 werd het provinciale besluit over het „Naturpark Vulkaneifel“ uitgevaardigd. Het is op 17 juni 2010 in kracht getreden. Op de Deudesfelder Waldbühne vond op 31 mei 2010 ter gelegenheid hiervan een feestelijke bijeenkomst plaats. Meer dan tien jaar durende pogingen, adviserende gesprekken en discussies op gemeentelijk en ministerieel vlak en een betrokkenheid hierbij van alle belangengroepen werden hiermee afgesloten. De eigenlijke arbeid is echter pas nu begonnen. Want het gaat erom het Natuurpark Vulkaneifel „met leven te vullen“ en de zich hiermee biedende kansen voor een duurzame ontwikkeling van onze regio te benutten.

Het Natuurpark Vulkaneifel is het natuurpark nr. 102 in de Bondsrepubliek Duitsland en het achtste in Rijnland-Palts. Het omvat de gemeenten Daun, Hillesheim en Kelberg alsmede delen van de gemeenten Gerolstein, Obere Kyll, Manderscheid en Ulmen. Zijn oppervlakte van 980 km² strekt zich uit op plaatselijke gemeenten en gemeenten in een federatie uit drie districten en het grenst in het noordwesten aan het Natuurpark Nordeifel.

Het idee van een natuurpark is in het leven geroepen door de ondernemer en natuurbeschermer Dr. Alfred Töpfer uit Hamburg, die in 1956 een programma voor het inrichten van aanvankelijk 25 natuurparken voorstelde. Hij zag natuurparken als „grootschalige gebieden“, die „voor iedereen vrij toegankelijke, beschermde recreatielandschappen“ moeten voorstellen. In het jaar 1959 legde het Bundesinstitut für Raumforschung in zijn adviesrapport over „Geschikte landschappen voor de keuze van natuurparken“ de volgende richtlijnen vast:

Richtlijn 1: Bij het scheppen van natuurparken moet de mens in het middelpunt van alle ambities en maatregelen staan ... Voor de mensen uit deze tijd moeten landschappen van deze tijd worden geschapen, waarin de stadsmensen schoonheid, vrede en ontspanning vinden en waarin de mensen van het land goed in hun onderhoud kunnen voorzien ...“

Richtlijn 2: Natuurparken dienen wat betreft hun ligging en voorzieningen op de grote steden en agglomeraties te worden afgestemd ... Voor de natuurparken zijn op de eerste plaats geschikt: rustige, mooie, minstens voor de helft met bossen bedekte landschappen met een agrarisch karakter, indien mogelijk in het heuvelland of middengebergte.“

Deze richtlijnen bevatten twee centrale elementen, die niet alleen tot vandaag geldig zijn, maar die door tussentijdse wettelijke veranderingen bekrachtigd en uitgebreid werden:

Ten eerste de nauwe verbinding van natuurbescherming en ontspanning, waarbij echter de mens en niet de natuur in het middelpunt staat, en op de tweede plaats de gelijkwaardigheid van ontspanning voor de stadsmensen en van economische activiteit voor de bewoners van het land („goed in hun onderhoud kunnen voorzien“).

Door de nationale wet op natuurbescherming van 25 maart 2002 werd datgene wat men zich als opgave voor natuurparken inzake duurzame ontwikkeling stelt uitgebreid en gepreciseerd. Hier wordt nu in natuurparken naar een duurzaam toerisme en een langdurig milieuvriendelijk gebruik van het land gestreefd. Een van de belangrijkste verklaringen is dat een duurzame regionale ontwikkeling gestimuleerd moet worden. In Rijnland-Palts werd deze landelijke wettelijke regeling door de provinciale wet op natuurbescherming van 28 september 2005 overgenomen.

Wanneer het proces tot aan het besluit van de natuurparkverordening Vulkaneifel meer dan tien jaar geduurd heeft, lag dit vermoedelijk aan het feit dat de centrale elementen en uitgebreide opgaven van een natuurpark door een intensieve discussie in het bewustzijn moesten worden geroepen. Voorstanders, tegenstanders en 'twijfelaars' in alle belangengroepen moeten tenslotte niet alleen tevreden zijn, maar ook wakker geschud en gemotiveerd zich met het natuurpark gaan bezighouden. De premisse is dat de in de Vulkaneifel levende mens in het middelpunt staat.

Volgens de natuurparkverordening is het nu de opgave van het Natuurpark Vulkaneifel

  • om de Vulkaneifel met haar vulkanische getuigenissen, maaren, moerassen, beken, weiden, dalen, bergen, bossen en droge grasvlakten als grootschalig, uniform, voor natuur en landschap belangrijk gebied te beschermen, te onderhouden en te ontwikkelen en het prestatievermogen van de natuurlijke huishouding te behouden of te herstellen,
  • om zijn bijzondere geschiktheid als natuurlijke ruimte voor duurzame recreatie en milieuvriendelijk toerisme incl. sport te stimuleren en te ontwikkelen,
  • om de karakteristieke veelzijdigheid, individualiteit en schoonheid van het door veelvoudig gebruik gekenmerkte landschap en zijn grote veelzijdigheid aan soorten en biotopen te behouden en te ontwikkelen en hiertoe naar een duurzaam milieuvriendelijk gebruik van het land te streven,
  • om op basis van zijn natuurlijke, culturele en economische kwaliteit d.m.v. het samenwerken van alle betrokkenen en belangstellenden met integratie van de handelseconomie incl. de ontginningsbedrijven de duurzame regionale waardetoevoeging te verhogen,
  • om het cultuur- en recreatielandschap met integratie van de land- en bosbouw te behouden, te onderhouden en te ontwikkelen alsmede
  • om in zijn totaliteit een duurzame regionale ontwikkeling te stimuleren.


Dat klinkt alles – omdat het een wettelijke tekst is – zeer hoogdravend en veeleisend. Het gaat erom met het instrument van de regionale ontwikkeling de toekomst zelf te vormen en niet onderworpen te zijn aan de globalisering en een politiek van de metropool-regio´s.

De endogene of zelfstandige regionale ontwikkeling ontstond in de jaren '70 als tegenbeweging tot de globale wereldeconomie en tot de 'politiek van de centrale plaatsen'. Daarbij ziet ze zichzelf als ontwikkeling die zich heel bewust op de opwaardering van decentrale potentialen in de landelijke omgeving steunt. In het kader van de discussie t.a.v. de duurzaamheid vanaf 1995 kreeg ze een grote opwaardering als „duurzame regionale ontwikkeling“. Vanaf deze periode heeft ook de Europese Unie belangrijke programma´s voor de regionale stimulering aan deze nieuwe basisidee gebonden.


Ten opzichte van de andere natuurparken in Rijnland-Palts telt het Natuurpark Vulkaneifel de volgende bijzonderheden:

1. Instantie is de Natur- und GeoPark Vulkaneifel GmbH, terwijl instanties bij de andere natuurparken verenigingen zijn. Dit vennootschap heeft haar uitgangspunt in de Vulkaneifel Tourismus GmbH (VTG). Toen de taken van een toeristische regionale agentuur in 2000 bijna compleet op de nieuw opgerichte Eifel Tourismus GmbH werden overgedragen, veranderde de VTG zijn naam in GeoPark Vulkaneifel GmbH met het in geotoeristisch opzicht economisch productief maken en commercialiseren van de regio. In het kader van de beraadslagingen over de oprichting van het Natuurpark Vulkaneifel werd de taakstelling uitgebreid met de verantwoordelijke instantie voor het natuurpark en de firmanaam veranderd in Natur- und GeoPark Vulkaneifel GmbH. Achtergrond van deze tot dusver niet gebruikelijke vorm zijn de gedeeltelijk identieke taakstelling van natuurpark en geopark, de verregaande congruentie van het gebied, de bundeling van financiële en persoonlijke hulpbronnen, de gebundelde acquisitie van subsidiemiddelen en marketingvoordelen. Alle aan de ontwikkeling van het natuurpark alsmede aan de verwezenlijking van het beschermdoel geïnteresseerden hebben de mogelijkheid om via een groepsvertegenwoordiging vennoot van het vennootschap te worden.

2. In vergelijking met andere verordeningen is de natuurparkverordening Vulkaneifel liberaler opgesteld. Voorbehouden t.a.v. van vergunningen zijn gereduceerd en verboden bestaan uitsluitend voor kernzones.

3. Het is de opgave van het Natuurpark Vulkaneifel om een duurzame regionale ontwikkeling te stimuleren. Terwijl dit in andere verordeningen van natuurparken helemaal niet vermeld is, staat in de op een na jongste natuurparkverordening van Rijnland-Palts, namelijk Soonwald, alleen „bij te dragen“ i.p.v. „te stimuleren“.

De taakstelling van het Natuurpark Vulkaneifel is over het algemeen niet in de zin van een „esthetische natuurbescherming“ achteruit, maar vooruit gericht gedefinieerd. Natuur en landschap moeten in het natuurpark zo beschermd en ontwikkeld worden dat tevens het economische bestaan van de daar levende mensen op de lange duur gegarandeerd is. Een duurzaam economisch handelen ontstaat echter niet automatisch in een markt. De globalisering vernietigt vaak nog bestaande duurzame economische vormen. Veeleer moet dit met grote zorg bij consumenten, producenten en door de politiek gestimuleerd worden. Voor het natuurpark Vulkaneifel betekent dit: wanneer het zijn milieudoeleinden wil bereiken, moet er een doelgericht engagement voor een duurzaam handel drijven en voor een duurzame regionale ontwikkeling voorhanden zijn. Arbeid in het natuurpark wordt daarom regionaal management in ruimere zin. Het gaat erom heel bewust alle krachten uit de bereiken economie, maatschappij, cultuur, milieu en politiek in het natuurparkgebied onder de gezamenlijke idee „duurzame regionale ontwikkeling“ te bundelen en samen te vatten.

Het verbond van Duitse natuurparken heeft op 9 september 2006 het „Petersberger Programm der Naturparke in Deutschland“ besloten, waarin volgende zwaartepunten voor de opgaven van de natuurparken geformuleerd zijn:

Duurzame regionale ontwikkeling

Natuurparken zijn als landschap een voorbeeld. Ze bieden de mens een veelzijdig en gezond milieu en de mogelijkheid zich in de natuur te regenereren. Hier moet in het bijzonder door een doelgericht management een duurzame regionale ontwikkeling alsmede een toename van de levenskwaliteit en het economisch welzijn van de bevolking worden bereikt.

Natuurbescherming en onderhoud van het landschap

Natuurparken zullen in de toekomst nog sterker dan tot dusver een doorslaggevende bijdrage leveren tot het behouden van de biologische verscheidenheid en tot een landelijk verbond van biotopen. Door duurzame land- en bosbouw alsmede doelgerichte beschermings-, onderhouds- en ontwikkelingsmaatregelen worden hierin de voorwaarden geschapen voor het behoud van typische cultuur- en natuurlandschappen met hun grote veelzijdigheid aan leefruimtes en soorten.

Recreatie en duurzaam toerisme

Natuurparken moeten op grond van hun landschappelijke voorwaarden en hun belevenismogelijkheden en -aanbiedingen nog sterker dan tot dusver worden geïntegreerd in de arbeid en marketingconcepten van de toeristische organisaties op landelijk, provinciaal en regionaal niveau.

Milieuvorming en communicatie

Aanbod voor milieuvorming voor bewoners en gasten alsmede een creatief public relations werk moeten de acceptatie van duurzaam economisch handelen alsmede van de bescherming van natuur en landschap verder verhogen en de verbondenheid en het engagement van de mensen voor hun regio nog sterker stimuleren.

Service en barrièrevrijheid

Natuurparken moeten zich ook nog sterker tot service-inrichtingen voor de inheemse bevolking, gasten en coöperatiepartners ontwikkelen. De aanbiedingen van de natuurparken moeten gekwalificeerd, hoogwaardig en voor iedereen toegankelijk zijn.

Duurzame landschapsontwikkeling

In natuurparken moet in nog sterkere mate dan in andere bereiken een duurzame, natuur- en milieuvriendelijke, efficiënte en sociaal acceptabele reductie van het gebruik van het grondoppervlak alsmede een consequente garantie voor vrije ruimtes tot 2020 worden bereikt.

Voor het natuurpark Vulkaneifel is het nu belangrijk om tegen de achtergrond van de demografische veranderingen aan de arbeid een dusdanige vorm te geven dat deze tot een verbetering van de economische, ecologische en sociale situatie in onze landelijke regio leidt. Arbeid in het natuurpark en de financiering hiervan door de provincie, de gemeenten en de economie moeten worden opgevat als investering in een op de toekomst gerichte realisatie van de infrastructuur, die ook de komende generaties ten goede komt. De synergetische verbinding van in geologisch-toeristisch opzicht economisch productief maken en de marketing van ons door vulkanen gekenmerkte landschap met het potentieel van een regionale ontwikkeling van een natuurpark via de verantwoordelijke instantie van de Natur- und GeoPark Vulkaneifel GmbH is een bijzondere kans.